Chinezen maken alles na.

Dit publiceert het Nieuwsblad op 10 maart 2008:  “Electronicagadgets als iPods, iPhones en de Nintendo Wii; sportschoenen van Adidas, Nike, Reebok, Puma en zowat alle andere grote fabrikanten; designerkleding van Armani tot Versace; software van Microsoft en Adobe: van zowat elk westers product wordt in China wel een kloon of een kopie gemaakt. Ze kosten meestal maar een fractie van de prijs van het origineel, maar heel vaak is de kwaliteit navenant. Chinezen hebben van het namaken van producten zowat een nationale sport gemaakt, en ze gaan er erg ver in. In China rijden er perfecte kopieën rond van westerse auto’s als de Smart en de BMW X5, en in de buurt van Peking ligt zelfs een gigantisch namaak-Disneyland, compleet met fake Donald Duck, Mickey Mouse en Winnie The Pooh. Het begrip ‘copyright’ lijkt aan de gemiddelde Chinees niet besteed te zijn. In de Chinese wetten staan nochtans voldoende teksten om intellectuele eigendomsrechten te beschermen. Het land heeft zowat alle internationale verdragen over patenten, handelsmerken en reproductierechten (en de bescherming daarvan) onderschreven. Dat die voorlopig weinig uithalen, heeft twee redenen. Ten eerste heeft de Chinese cultuur historisch gezien heel weinig op met het beschermen van ideeën, zeker westerse ideeën. De meeste Chinezen beschouwen het kopiëren van andermans werk niet als een misdaad. Apple, Nintendo en BMW zijn al meer dan rijk genoeg, dus wat maakt het uit, is de redenering. Het blijkt voor het centraal geleide regime ook bijzonder moeilijk om lokale overheden van de ernst van de feiten te overtuigen. Vaak helpen die de kopieerders zelfs om hun productielijnen te verbergen wanneer er een inval van de politie is. Op die manier blijft China zowat het epicentrum van de kopie, al krijgt het tegenwoordig zware concurrentie uit Rusland en de voormalige Oostbloklanden.”

 

Een reactie achterlaten

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*